Contact
Annemie Luyten
Coördinator De Loodsen
Sint-Jacobsmarkt 43, 2000 Antwerpen
03 234 05 11
annemie.luyten@deloodsen.be

Teksten doorsturen om op deze webpagina te plaatsen kan altijd!

 

 

Tekstmateriaal voor uitvaartliturgie

Op deze webpagina vind je heel wat tekstmateriaal voor het opstellen van de uitvaartliturgie. Indien de auteur van de tekst bekend is, wordt hij/zij vermeld.
Voor meer tekstmateriaal verwijzen we graag naar de voorbeeldvieringen op onze website, naar de werken uit onze literatuursuggesties of de websites die we je aanraden.

Hieronder vind je nog een aantal losse teksten:

Opening van de viering

Bij de uitvaartliturgie kan gekozen worden voor een speciale bewoording bij het maken van het kruisteken, als teken van gelovige bemoediging
.

  • In de naam van de Vader met liefdevolle zorg,
    de Zoon, zijn voorbeeld,
    en de heilige Geest, zijn inspirerende kracht.

  • Moge de schaduw van God je behoeden in deze moeilijke tijden:
    de Vader, die achter ons staat;
    de Zoon die naast ons en met ons gaat;
    de heilige Geest, als de mantel van Gods liefde om ons heen.

Aanwezig stellen van de overledene

  • Beste N.N.,
    Ik moet afscheid van je nemen, nog voor ik je (echt) leerde kennen. Naar je toekomen, net nu je bent weggegaan.
    Toen jij stierf, is de wereld gewoon doorgegaan met draaien. Het werd nacht, en ook weer morgen. Er was lawaai en stilte. Om ons heen maakte het leven van alledag evenveel drukte als anders. Alleen... Bij ons kwam dat harder aan dan normaal.
    Wat deed het pijn te zien en te horen dat alles gewoon doorging, toen jij gestorven was. Wreed en onverschillig, genadeloos en onbarmhartig was het. Elke indruk stak dieper. Deed meer pijn.
    Nee, ze kunnen niet weten wat wij nu voelen. Die steken van afgesneden zijn en nooit meer samen. Niets zal meer hetzelfde zijn zonder jou.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Loodsen © 2008

www.deloodsen.be

 

Contact

Lichtritus

Als we verslagen zijn door verdriet, vinden we niet altijd de juiste woorden om onze gedachten en gevoelens uit te drukken: onze droefheid, maar ook onze hoop en ons vertrouwen. Daarom doen mensen vaak beroep op symbolen, die krachtig vertellen wat wij niet kunnen zeggen. Tijdens de uitvaartliturgie wordt het licht, verwijzend naar de Paaskaars, centraal gesteld.

  • In symbolen getuigen we vandaag van ons geloof dat God ons doet overgaan van donker naar licht, van dood naar leven. Dat Licht brengen we aanwezig in het symbool van de Paaskaars. Deze kaars is symbool van het eeuwige leven en een teken van onze hoop dat wij eens veilig zullen thuiskomen bij God, de Heer van alle leven.
    Het licht dat wij laten schijnen voor N.N., verwijst niet alleen naar God: het verwijst ook naar N.N. zelf. Dat hij/zij geroepen is om licht en warmte uit te stralen, heel zijn/haar leven lang. We plaatsen dit licht bij N.N., als teken dat zijn/haar licht niet gedoofd kan worden, ondanks lijden en dood. Het is dan ook licht dat verwijst naar wat N.N. is geweest en altijd zal blijven.

  • N.N. is gestorven. Heldere ogen, een mens vol vuur. Uitgedoofd.
    Ons enige verweer is dit licht ontsteken, begin van laaiend vuur, om in ons woordeloos verdriet uit te schreewen dat dit niet mocht gebeuren. Dat hij/zij niet dood mocht, niet nu al: dat fatale moment, weg van allen die hem lief waren.
    Maar als dit dan toch onvermijdelijk was, laat dit vuur dan maar branden als herinnering aan de vurigheid waarmee N.N. leefde; aan de intensiteit waarmee hij/zij liefhad, creëerde en maakte, aan zijn/haar warmte en genegenheid, zijn/haar zorg en toewijding.
    Een licht ontsteken, omdat we zijn/haar bezieling levend willen houden.
    Een licht ontsteken, om te getuigen van onze hoop en ons vertrouwen in leven en liefde die de dood mogen overwinnen.

  • Licht van de Paaskaars, hier ontstoken,
    teken van verrijzenis.
    Licht waarop wij allen hopen in onze duisternis.
    Licht, wil ons verwarmen, breek door muren heen,
    wil ons liefdevol verwarmen, laat ons niet alleen.
    Gij, God van leven, die de doden op doet staan,
    wilt Gij ons een nieuwe toekomst geven,
    wilt Gij met ons verdergaan?

Gebed om ontferming

  • Als mensen schieten wij steeds tekort.
    Nu wij geconfronteerd worden met de dood,
    wordt dit soms nog duidelijker.
    Er zijn misschien zoveel dingen,
    die we nog hadden willen doen,
    anders hadden gewild
    of beter niet hadden gedaan.
    Het is goed hiervoor Gods vergeving en ontferming te vragen,
    zodat we niet bezwaard blijven door onze fouten,
    maar opnieuw moed mogen krijgen
    om de toekomst tegemoet te treden.

  • God, U bent mild en goed.
    U rekent het kwade niet aan.
    Naar wie kunnen we beter gaan dan naar U?
    Bij U vinden we ontferming.
    We vragen om vergeving
    voor alles wat onaf was, of onvolmaakt.

    Om het goede woord dat we niet hebben gezegd,
    om de warmte die we niet hebben gegeven,
    om die keren dat we er niet waren voor elkaar
    vragen we om ontferming.

    Om de keren dat wij elkaar dwarsboomden,
    om de keren dat wij Gods Geest geen kans gaven
    en om de momenten dat wij geen ruimte openlieten
    vragen wij om ontferming.

    Om onze pijn en ons verdriet,
    om onze bezorgdheid
    en om ons vermogen om U te ontmoeten en te herkennen,
    ons vetrouwensvol naar U toe te keren
    vragen wij om ontferming.

    Moge God zich over ons ontfermen,
    onze tekorten opnemen in zijn eindeloze, vergevende liefde,
    het goede voltooien
    en het kwade vergeven.
    Amen.

Openingsgebed

  • God, onze Vader,
    midden in ons leven ervaren wij de dood.
    Soms hard en meedogenloos,
    dikwijls onaanvaardbaar.
    Toch geloven wij
    dat Gij het beste met ons voor hebt.
    Want onze namen hebt Gij geschreven
    in de palm van uw hand.
    Bevestig ons in de hoop
    dat Gij de dood hebt vernietigd
    en ons hebt voorbestemd
    om met U te leven,
    in Jezus Christus, onze Heer.

  • God, we zijn allemaal zoekende mensen.
    Ook vandaag proberen wij hier een antwoord te vinden op zoveel vragen.
    Het valt ons niet gemakkelijk.
    Wij willen blijven geloven dat N.N.
    nu is thuisgekomen in uw eeuwige liefde
    en de rust heeft gevonden die hij/zij heeft verdiend.
    Help ook ons, God,
    wees voor ons een licht dat voor ons uitgaat.
    Wees voor ons de weg, die ons leidt naar vrede.
    Hier en nu, vandaag en voor altijd.

  • Vader, troost ons in deze donkere dagen.
    Blijf bij ons en spoor ons aan om met elkaar op weg te gaan.
    Voed ons in het geloof dat de dood niet het einde is.
    Laat ons de verbondenheid voelen,
    ook over die laatste grens.
    Vandaag, in dit uur,
    maar ook alle andere dagen van ons leven.

(Profane) Eerste lezing (of bezinning)

  • Als er vandaag niemand is om tranen te drogen,
    dan zal God zelf een plaats zoeken in de storm van hun hart.
    Als er vandaag niemand is om troost te brengen,
    dan zal God zelf een plaats vinden in de stilte van hun hart.
    God vernietigt niet wat Hijzelf heeft geschapen
    en wat Hij bestendig leven geeft, laat Hij bewegen.
    Hij dooft het licht niet dat Hijzelf heeft aangestoken.
    Wat mensen hier aan liefde met elkaar hebben gerealiseerd en ervaren,
    wordt opgenomen in de ene goddelijke Liefde.
    Het levenslicht, dat de mens ziet bij de geboorte,
    is krachtiger dan de duisterns van de dood
    en duurt langer dan zijn/haar tijd op aarde.

  • De zegen van een bejaarde (Phil Bosmans)
    Gezegend ben je, als je verstaat
    dat mijn handen beven
    en mijn voeten langzaam geworden zijn.

    Gezegend ben je, als je eraan denkt
    dat mijn oren niet goed meer horen
    en dat ik niet meer alles versta.

    Gezegend ben je, als je weet
    dat mijn ogen niet goed meer zien,
    als je niet kwaad wordt
    omdat ik de mooiste tas liet vallen
    of omdat ik voor de zoveelste maal hetzelfde vertel.

    Gezegend ben je, als je me toelacht
    en me vraagt naar de dagen van mijn jeugd.

    Gezegend ben je, als je zacht met me omgaat,
    mijn stille tranen begrijpt
    en me laat voelen dat ik bemind word.

    Gezegend ben je, als je iets langer bij me blijft
    wanneer het overal donker wordt
    en als je even mijn hand vasthoudt
    wanneer ik alleen de nacht in moet.

  • Er is een lege plaats in ons midden, zegt men.
    En dat is zo.
    Maar toch is de ruimte geen leegte,
    want deze nieuwe stilte is vol herinneringen
    en ons hart is meer van jou vervuld dan ooit tevoren.

    De woorden die je niet meer spreekt:
    ons hart weet wat je bewoog
    en jouw stem klinkt na in verhalen
    die vandaag en morgen over jou de ronde doen.
    Jouw naam zal niet vergeten zijn,
    hij gaat van mond tot mond
    en leeft in verhalen die jouw leven bezingen,
    al de dagen dat je bij ons was.

    En ooit heeft een Mensenzoon gezegd,
    dat wie in vriendschap leven deelde,
    in een nieuwe wereld leven vinden zal.
    Je bent er ons nu naar voorgegaan.
    Morgen en toekomst,
    ze zijn voorgoed voor jou begonnen,
    voorbij het dal van de dood
    en ontheven aan vergankelijkheid
    waarin wij nog onderweg zijn.
    En laat in die voorlopigheid ons doen
    wat jij hier ooit begonnen bent;
    vriendschap die de wereld maakt
    tot een huis van vrede en goede trouw
    waarin mensen bij elkaar geborgenheid vinden.
    In voorlopigheid op weg naar morgen.

Voorbeden

  • God staat ons bij in goede en kwade dagen,
    in het volle leven en in de dood.
    Ook vandaag mogen wij vertrouwensvol tot Hem bidden
    om alles wat ons ter harte gaat.

    Om vertrouwen bidden wij,
    dat N.N. nu in Gods liefde is opgenomen.
    Dat wij ons allen gedragen voelen door een God,
    die wij bij naam mogen noemen,
    die adem geeft en levenskracht,
    aandacht en openheid voor het mysterie van het leven.
    Laat ons bidden.

    Om liefde bidden wij,
    voor alle mensen die met ons door het leven gaan:
    dat niet de dood moet komen
    om te zien en te zeggen dat ze goed zijn
    en boeiend om mee samen te leven.
    Laat ons bidden.

    Om hoop bidden wij,
    dat het leven mysterie mag blijven voor ons.
    Niet om uitgerafeld te worden, maar om te beluisteren.
    Niet om in handen te nemen,
    maar om te ontvangen en ten volle te leven.
    Laat ons bidden.

    Om geloof bidden wij,
    dat ook ons eigen leven vruchtbaar is voor mensen:
    dat het zaad van ons woord en de droom van ons innerlijk
    anderen tot leven kunnen brengen.
    Dat wij elkaar nabij kunnen zijn in deze donkere dagen.
    Laat ons bidden.

    Goede God, zoveel gaat er in ons en onze gemeenschap om op een dag als vandaag.
    Allerlei vragen en verlangens komen bij ons naar boven.
    Wij willen deze bij U neerleggen, erop vertrouwend dat Gij naar ons luistert.
    Amen.

  • God, bron van goedheid en geborgenheid,
    wij bidden voor onze lieve overledene:
    plots weggemaaid,
    afgeknakt voor hij/zij echt bloeide.
    Dat hij/zij rust en vrede mag vinden bij U,
    dat hij/zij in uw liefde wordt vastgehouden, ook in de dood.

    God, bron van hoop en liefde,
    wij bidden voor zij die afscheid moeten nemen,
    die moeten loslaten:
    dat zij het verdriet niet koesteren,
    dat het hen niet verstikt en eenzaam maakt.
    Geef dat zij zich opnieuw durven toevertrouwen aan dit leven,
    omringd en gesteund door vrienden en familie.

    God, bron van warmte en nabijheid,
    wij bidden voor zij die sterven in eenzaamheid,
    om wie niemand lijkt te treuren;
    voor zij die zoek raken
    in oorlog en gevangenschap,
    voor allen die vereenzaamd zijn ten dode toe.
    Dat iemand hen horen mag in Gods naam
    en om hen zorg mag dragen.

    God, Vader van ons allen,
    Gij zijt ons nabij
    en onze overledene is ons nabij door U.
    Wij komen tot U met de gedachtenis van N.N..
    Gij zijt geen God van doden,
    maar een God van levenden.
    In U leven allen,
    die Gij tot U geroepen hebt.
    Neemt gij nu ook onze gebeden in U op.

Groet aan de overledene (huldegroet)

  • We nodigen u nu graag uit voor een laatste groet aan N.N.. Het biedt de gelegenheid om nog een laatste keer afscheid te nemen. U kan dit doen door even halt te houden voor zijn/haar lichaam, door eerbiedig te buigen. Indien u gelovig bent, kan u ook de hand op het kruisbeeld dat wij u aanbieden leggen. Dit kruisbeeld staat voor ons symbool voor de bevrijding van het lijden door Jezus Christus. Het kruis is als een getuigenis dat liefde de dood kan overwinnen.

Vredeswens

  • Ik wens jullie nu de vrede van God,
    de vrede, die tranen droogt,
    die zaligheid, die verdriet draaglijk maakt,
    dat warme gevoel, dat je verbonden maakt
    met allen die je dierbaar zijn.
    Ik wens je de vrede van God,
    die voor altijd bij je blijft
    en je mag troosten
    in het donkerste van je dagen.

(Profane) Bezinningstekst

  • Afscheid nemen (Anita Galle)
    Ik kan je niet zomaar
    laten gaan,
    ik heb je nog zoveel te zeggen,
    vergat je zoveel te vragen
    en wil je vooral nog zoenen
    om te zeggen dat ik je zo graag zag.

    Ik kan je hand niet loslaten
    en wil je haren blijven strelen.
    Ik wil gaan wandelen met jou
    en je de nieuwe bloemen laten zien,
    je glimlach nog eens horen
    en je verrassen.

    Maar ik moet je laten gaan
    al scheurt het binnenin,
    daarom blijf in mij.

    God, sta ons bij.

  • Overlijden (Anita Galle)
    Waar ben je dan heengegaan?

    Ik dacht
    je nooit te verliezen.
    Je ging zo stilletjes weg,
    te vroeg en onverwacht.

    Je tederheid wil ik blijven koesteren
    en je glimlach,
    je oeverloze vertrouwen
    en je krachtige geloof.

    Ik laat een kaars voor je branden
    en weet me geen raad
    met mijn verdriet.
    Alleen jij kon me troosten.
    Mijn God, neem hem/haar aan je zijde
    en geef hem/haar mijn zoenen
    en al mijn verhalen
    die ik nog wilde vertellen.
    Ze zeggen maar één ding:
    ik houd van jou nog steeds meer.

  • Ik sta aan de kust. Een witte zeilboot ontvouwt zijn zeilen in de ochtendbries en zet koers naar de blauwe oceaan. De boot is schitterend en vol kracht en ik blijf hem gadeslaan tot hij niet meer is dan een wit wolkensliertje en verdwijnt daar waar de zee en de lucht in elkaar over gaan.
    En dan zegt iemand naast me: "Hij is verdwenen..." Verdwenen? Waar naartoe? Verdwenen uit mijn gezichtsveld, dat is alles. Zijn mast, zijn romp en rondhout zijn nog precies even groot als toen hij de haven verliet en hij is nog even goed in staat zijn levende lading naar zijn bestemming te voeren. Het kleine formaat zit eigenlijk in mij, niet in hem.
    En precies op het ogenblik dat die persoon naast me zei "Hij is verdwenen", zijn er elders stemmen die vreugdevol roepen "Daar komt hij!".
    Zo is het ook een beetje met sterven.

  • Dankbaarheid (Kris Gelaude)
    Hoe leeg of hoe vervuld
    moet een mens zich voelen,
    om zich te oefenen
    in dankbaarheid?
    Vervulling maakt gelukkig,
    maar doet soms ook vergeten
    hoezeer het mooiste ons gegeven wordt:
    zomaar, als een geschenk.

    Gemis en leegte echter
    zijn zoals een lens,
    waarin men scherper kijkt.
    Ze bergen het geheim
    van vreugde en verdriet
    en van de dingen
    die niet vanzelfsprekend zijn,
    die gave worden
    voor wie nog kan ontvangen
    met verwondering.

    Wie deze kunst verstaat,
    herschept de dankbaarheid:
    die milde kracht, die niets verwacht.
    Maar met een warm woord
    of klein gebaar,
    kan ze de dingen
    net iets waardevoller maken.
    Ze weet alles zo in het licht te houden
    dat het een diepe glans verkrijgt.

    Een dankbaar hart
    is als vruchtbare grond.
    Daarin gaat niets verloren.
    Al het gegevene kan er ontkiemen,
    om zelf weer vrucht te dragen.
    Honderdvoudig.

  • Adem houdt op
    warmte wordt kilte
    en lachen wordt stilte
    echo van vragen
    die geen antwoord vindt
    maar een mensennaam
    kan niet vergaan
    niet verzinken in oneindig niets

    Jouw naam
    heeft klank en toon gezet
    van hoe de jouwen verdergaan

    In gemis
    maar ook in vertrouwen
    dat leven Leven wordt

    Zo wordt jouw naam
    een witte roos aan ons hart:
    bloeiend voor altijd,
    geurig en welriekend,
    maar ook doornig stekend
    want jij bent er niet
    als wij jou roepen
    en ons zoeken zal nooit vinden worden
    geen samen lachen en praten meer
    maar in de stilte
    zul jij bloeien aan ons hart
    als schitterende herinnering
    levend, tegen alle weerwil in

    Neen, vergeten zullen we jou niet
    wees gerust
    rust maar zacht
    rust in vrede

Besprenkeling met wijwater en bewieroking

  • God, onze Vader,
    wij staan rond N.N. in geloof en hoop.

    We zijn aan het moment gekomen waarop wij deze gestorven mens uit handen moeten geven. Hoewel er verdriet in ons hart leeft, is er toch die hoop en dat geloof in het leven over de grenzen van de dood heen.
    Wij kunnen niet geloven dat alles nu zomaar voorbij is en dat dit leven zomaar eindigt. Wij kunnen en willen geen afstand doen van alle mooie herinneringen uit dit leven.

    Dit gestorven lichaam willen we besprenkelen met doopwater.
    Het herinnert ons aan de opstanding tot nieuw leven,
    aan het doopsel, waar jij, N.N., je naam hebt gekregen
    en bent opgenomen in de gemeenschap van christenen.

    N.N., op de grens van dit leven overstemt ons een heilige stilte.
    We nemen nu afscheid, vol eerbied, je zegenend met helend water:
    om alle goede woorden uit je mond,
    om alles wat je met zorg hebt omringd,
    om de tijd die je aan ons hebt gegeven.
    Om de kracht die je toonde,
    om alles wat heilig was voor jou.

    We eren je lichaam met wierook:
    om de tranen die je hebt gehuild,
    om het gemis dat je hebt gekend,
    om het lijden waar je doorheen ging.
    Om de weg die je alleen hebt afgelegd,
    om de opstanding waarin je gelooft,
    om alles wat je in de ogen van God geworden bent.

  • Lieve mens, lieve N.N.,
    toen alles nog moest ontstaan,
    zweefde Gods Geest over de wateren.
    En de aarde, die jij hebt bewoond,
    kwam uit die wateren tevoorschijn.
    Het was het begin van de schepping,
    het begin van alle leven.
    Zoals het lichaam tijdelijk is
    en aan de aarde gebonden,
    zo bewaart het water
    het gewoon van altijd nieuw leven.
    We zegenen jouw dode lichaam
    met dit levenskrachtig water.
    Het moge je geest schoonwassen.
    Het moge je brengen bij de bron.
    Het moge je ogen openen
    voor een eeuwige dageraad.

    Lieve mens, lieve N.N.,
    wierookkorrels worden verbrand
    en de geur ervan
    stijgt op als een gebed.
    Zo ontstijgt ook een mens
    de weg van dit bestaan.
    Wij moeten je laten gaan, N.N.,
    in onze ziel geraakt
    door het mysterie van het leven.
    Dankend
    om de liefde en de schoonheid.
    Zegenend, alles waarin je zelf
    voor iemand zegen bent geweest.
    Eerbied is ons laatste woord.
    Het moge je vergezellen,
    zoals deze wierook,
    tot waar je God mag zien
    van aangezicht tot aangezicht.

  • Dank kun je zeggen in woorden,
    zoals we in deze viering volop hebben gedaan.
    Het kan ook in een oersymbool als water.
    Water, levensstroom, vruchtwater van de geboorte,
    water dat zuivert,
    water dat in alle godsdiensten leven en dood met elkaar verbindt.

    Wij besprenkelen jou, N.N., met water
    in de hoop en het geloof
    dat jouw leven verdergaat dan deze dag,
    dat je met ons verbonden blijft
    in die eeuwige stroom van leven
    waaraan ook wij deelhebben in onze plaats op deze wereld.

    Wij zwaaien jou lof toe,
    voor het licht dat je in ons leven bracht.
    Dat licht zullen we op onze beurt doorgeven.
    Zoals wierook omhoog stijgt en zich verspreidt,
    zo willen we jouw herinneringen, jouw vreugde en liefde verder dragen.
    Zo ben jij voor ons
    een blijvend teken geworden van jouw liefde.

Slotgebed

  • Goede God,
    elk van ons is een geschenk uit uw handen,
    een unieke mens die vanuit de eigen gaven en talenten
    de kans krijgt om liefde en goedheid uit te dragen in deze wereld.
    Uw liefde reikt over de grenzen van de dood heen
    en daarom erkennen wij U als onze God
    in wie we geloven en die we eindeloos vertrouwen.
    Want U draagt ieder van ons in uw hart,
    U schrijft al onze namen met onuitwisbare inkt
    in de palm van uw hand.
    Wanneer onze mensenreis voltooid is,
    hopen we bij u tot rust te mogen komen,
    bevrijd van alle schijn en buitenkant,
    voor altijd geborgen in uw vrede zonder einde.
    Amen.

  • Goede Vader,
    het mysterie van leven en dood
    gaat ons begrip dikwijls te boven.
    Wij mogen vertrouwen op U,
    nu wij N.N. uit handen geven.
    Laat hem/haar bij U thuiskomen
    en sterk ons in het geloof
    dat daar ook eens onze thuis zal zijn.
    Wij vragen het U door Christus, onze Heer.